Onze bloggende atleten

X-triathlon de La Gileppe: Less is more...

Jan Goddaer 4 months 6 days ago
Is het de aanhoudende hitte of de schreeuw naar vakantie, maar mijn energiepeil kent momenteel ongekende laagtes. Alles voelt lastig en zwaar aan. En de behoefte naar competitie lijkt plots ver weg. Ware het niet dat ik al ingeschreven was voor de Xtriathlon van La Gileppe, was ik dit weekend nooit richting het stuwmeer ginds geweest.

​Daar aangekomen blijkt het waterniveau van het meer stukken lager dan normaal. Hier zie je echt wel de gevolgen van de hittegolf. Ook het MTB-parcours is in tegenstelling tot vorig jaar veel beter berijdbaar. Niks van modder, alles koppekeihard. Hier zal gevlamd worden. Ook de moordende slotklim die we vorig deels lopend moesten afwerken, kunnen we nu al fietsend op. Al blijft het skarten! Het loopparcours is volledig hetzelfde als vorig jaar. Na km 1 en 4 krijg je een muur voorgeschoteld die haast niet te verteren valt. In de slotrun kan je echt sterven!
We starten om 14 uur. Ik zwem middenin het pak. Het wordt 500m vechten, water drinken, me verslikken, schoppen krijgen, proberen te overleven. Als bij wonder kom ik als 44ste op 133 deelnemers de wisselzone binnen. Waarschijnlijk mijn beste resultaat ooit.
Op de mountainbike probeer ik het juiste ritme te vinden. Het loopt wat stroef. Maar na de steile slotklim in de eerste ronde, kom ik onder stoom. Ik blijf geven en met een 16de fietstijd kom ik als 19de overall de wisselzone binnen.
Ik maak me klaar voor 6,5km trailrun. Ik start vrij voorzichtig maar kan al snel enkele plaatsen goedmaken. Ondanks een val loop ik toch als 8ste overall en 3de H40 over de eindstreep. Met een 7de looptijd doe ik het tegen alle verwachtingen in super. Wetende dat ik maximum 2 maal een halfuurtje per week loop. Deze week stonden een volle anderhalve kilometer op de teller. Jawel: 1,5 km of 1500 meter!
Less is more, zekers!
Conclusie:
Ondanks een leeg gevoel toch een super resultaat.
Nu terug op mijn effen komen en binnen twee weken zijn we present in Watrissart.

X-triathlon de La Gileppe: Less is more...

Jan Goddaer 4 months 6 days ago
Is het de aanhoudende hitte of de schreeuw naar vakantie, maar mijn energiepeil kent momenteel ongekende laagtes. Alles voelt lastig en zwaar aan. En de behoefte naar competitie lijkt plots ver weg. Ware het niet dat ik al ingeschreven was voor de Xtriathlon van La Gileppe, was ik dit weekend nooit richting het stuwmeer ginds geweest.

​Daar aangekomen blijkt het waterniveau van het meer stukken lager dan normaal. Hier zie je echt wel de gevolgen van de hittegolf. Ook het MTB-parcours is in tegenstelling tot vorig jaar veel beter berijdbaar. Niks van modder, alles koppekeihard. Hier zal gevlamd worden. Ook de moordende slotklim die we vorig deels lopend moesten afwerken, kunnen we nu al fietsend op. Al blijft het skarten! Het loopparcours is volledig hetzelfde als vorig jaar. Na km 1 en 4 krijg je een muur voorgeschoteld die haast niet te verteren valt. In de slotrun kan je echt sterven!
We starten om 14 uur. Ik zwem middenin het pak. Het wordt 500m vechten, water drinken, me verslikken, schoppen krijgen, proberen te overleven. Als bij wonder kom ik als 44ste op 133 deelnemers de wisselzone binnen. Waarschijnlijk mijn beste resultaat ooit.
Op de mountainbike probeer ik het juiste ritme te vinden. Het loopt wat stroef. Maar na de steile slotklim in de eerste ronde, kom ik onder stoom. Ik blijf geven en met een 16de fietstijd kom ik als 19de overall de wisselzone binnen.
Ik maak me klaar voor 6,5km trailrun. Ik start vrij voorzichtig maar kan al snel enkele plaatsen goedmaken. Ondanks een val loop ik toch als 8ste overall en 3de H40 over de eindstreep. Met een 7de looptijd doe ik het tegen alle verwachtingen in super. Wetende dat ik maximum 2 maal een halfuurtje per week loop. Deze week stonden een volle anderhalve kilometer op de teller. Jawel: 1,5 km of 1500 meter!
Less is more, zekers!
Conclusie:
Ondanks een leeg gevoel toch een super resultaat.
Nu terug op mijn effen komen en binnen twee weken zijn we present in Watrissart.

Hoogtestage Sankt Moritz & 111 triatlon Jabbeke

Diego Van Looy 4 months 1 week ago

Op 5 juli vertrok Diego naar Sankt Moritz voor een hoogtestage van 4 weken op 1800M.
Met een ideaal trainingsparcour van mooie rustige wegen en een mooi aanbod aan offroad looppaden met de nodige hoogtemeters beloofde dit een mooie stage te worden.

Zwemmen kon in talloze koude meren of in het 25m trainingsbad van Ovaverva.

Door een infectie op de luchtwegen na IM Edinburgh moest Diego de eerste dagen nog rustig aandoen maar al snel werd het trainingsregime flink opgedreven.

Het zwemvolume nam toe en ook de loopkilometers gingen noodzakelijk de hoogte in. Het fietsen werd onderhouden met de nodige hoogtemeters inbegrepen.

Tijdens deze hoogtestage voelde Diego vooral enorme progressie in het looponderdeel. Niet voor niets komt de top van de lange afstandsatletiek tijdens de zomer zich hier voorbereiden op de kampioenschappen.
Sankt Moritz ademt sport!

Op alle trainingsdagen samen werd er 75 km gezwommen, 1700 km gefietst en meer dan 300 km gelopen.

De zware stage werd afgesloten met een 111 triatlon in Jabbeke als intensieve wedstrijdprikkel. Gevoel was goed misschien nog niet super. Maar da’s normaal na zo een hoogtestage.

wedstrijd samengevat:

In het non-wetsuit zwemmen verloor hij slechts 2 minuten op de 1ste groep. als 18de man uit het water, 28ste overall.
Het fietsen kende een valse start door materiaalpech. Een afgelopen ketting zorgde meteen voor een minuut vertraging en de achtervolging diende ingezet te worden. Na 8 km kwam er nog een afgebroken remgreep bij. Dit zorgde ervoor dat vooraan remmen en kleiner schakelen dan 53-12 niet meer mogelijk was.

Alsnog werden de gewenste wattages getrapt en kon het fietsonderdeel beëindigd worden met een gemiddelde snelheid van 40,3km/h. Niet slecht op een vrij technische omloop.

Alles werd op het looponderdeel gezet. Hierbij had Diego de ambitie om de afsluitende 10km af te leggen onder de 32 min. Dit is hem op 3 seconde na gelukt!

Resultaat: een mooie 4de plaats op 4 minuten van de overwinning en 2 minuten van het podium.
Zeker een mooi resultaat met een hoogtestage in de benen en een vlakke omloop.

Nu uitkijken naar de Embrunman met een fietsonderdeel van 5000 hoogtemeters en een zwaar loopparcours.

Wordt vervolgd!!

!

Part 9 of the World tour: Tallinn

Seppe Odeyn 4 months 1 week ago
Het werd tijd om met onze World tour naar het Noorden te trekken. De coach en ik kozen uiteindelijk voor Tallinn de hoofdstad van Estland. Ok dit was hun eerste organisatie van een Ironman maar zei Stefaan: als je het eurosong festival kan organiseren zal een Ironman ook wel lukken zeker!  Klopt inderdaad, hij sloeg deze etappe wel over aangezien hij straks nog naar Kona moet! Mijn voorbereiding was goed geweest maar zorgde er wel voor dat ik de tijd niet had genomen wat research te doen in de Estse geschiedenis. Gemakkelijkheid halve catalogeerde ik dat dan maar onder de Russische vlag. De kennis van de Russische geschiedenis beperkt zich bij Seppe Odeyn tot het liedje Rasputin van Boney M. Waardoor ik dus met stevige Oost-blok verwachtingen naar daar trok. Dat bleek bij aankomst nog eens te kloppen ook. Om 12uur ’s nachts was er niemand op straat te zien stonden er 5 combi’s aan het hotel en waren we live getuige hoe 2 beren van politie mensen een arrestant ineen timmerden. Ik voelde me als Belg niet echt op mijn gemak wetende dat wij destijds Sergio naar Tallinn hebben gestuurd voor het Eurovisiesongfestival  De volgende dag kregen we dan gelukkig het echte hippe Tallinn te zien waar iedereen Engels sprak en zelfs een jongetje van 8 vriendelijk goodbye zei met een accent zoals de slechterik van James Bond die net op de rode nucleaire knop heeft gedrukt terwijl James vastgebonden in een duikboot de wereld weer eens zal redden alvorens over het strand te trippelen met een Bond girl. 

Maar eerst natuurlijk de wedstrijd alvorens de wereld te gaan redden. Het zwemnummer blijft toch altijd een beproeving. Hoewel ik dacht dit jaar alles al te hebben afgevinkt met super hoge golven in Dubai, zonder wetsuit verzuipen in Texas en een rondje boksen in Lanza kon ik me eigenlijk niet voorstellen wat ze nu nog konden uit vinden om mijn zwemmerscapaciteiten op de proef te stellen. Koud water dus. In Tallinn was het zoals in de rest van Europa snikheet, in de Baltische zee was daar echter niet zoveel van te merken. Eigenlijk zag ik de bui al hangen want aan de zwemstart lag een ijsbreker van de Russische marine. De dagen voordien was het dus proberen het Sanne Swolfs record van 2 minuten in de Baltische zee te breken en mezelf mentaal voor te bereiden op een ruim uur koud hebben. Of ik dan niet hoopte op een ingekort zwemmen of een duathlon? Maar nee als ik een duathlon wil doen zal ik me daar wel voor inschrijven mensen!

Gelukkig kreeg ik tips allerhande.. Miriam Van Reijen, die binnenkort ook haar lange triathlondebuut zal maken stuurde me nog dat koude een emotie is en emoties die kan je uitschakelen. Wel Miriam het werd een zeer emotioneel zwemnummer. Ik zwom in een groepje met landgenoot Hannes Bonami en buiten de koude moesten we onze weg nog eens zien te vinden in het doolhof van boeien in de haven. Uiteindelijk ontrafelde Hannes de puzzel en ik volgde in zijn voeten. Als dank tikte ik nogal irritant vaak op zijn voeten maar aangezien alles dat niet in een wetsuit zat gevoelloos aanvoelde denk ik niet dat hij er veel last van heeft gehad. Sorry Hannes! Zoals je vroeger op school het academisch kwartiertje hebt, heb ik mijn eigen zwemkwartiertje in Ironman wedstrijden. Buiten een achterstand wou dat nu ook wel zeggen 15 minuten langer in dat ijsbad liggen. Vervolgens kwamen we bij mijn specialiteit terecht: Fietsen met gevoelloze voeten. In Kasterlee doe ik dat toch elk jaar een uurtje of 4 hier had ik na een goeie 40 km alweer gevoel in mijn tenen!
Op de fiets ging het niet zo goed. Je kent dat wel: Dat je de juiste versnelling niet vind, heel de tijd wind tegen hebt en denkt aan een leegloper of dat je vermogen meter dringend eens gekalibreerd moet worden. Geen paniek, ik had 180 km om een goed gevoel te vinden maar het is dus ook perfect mogelijk om 180 km te fietsen, zoekend naar dat goeie gevoel. Nog een geluk dat ik 160 km kon samen fietsen met een Est zodat we onze achterstand op dat Odeyn kwartiertje konden houden. De laatste 10 km kregen we dan nog een goeie bui over ons heen wat voor gladde starten in Tallinn zorgden.   Mijn marathon begon goed. Er zat stamp op zoals Stefaan dat zo mooi kan zeggen. Ik ging vooruit en schoof op naar een top-15 plek. Het was een lastig loopparcours met wat hoogtemeters en kasseien in de binnenstad. Tot halverwege stoomde ik goed door richting top-10. Maar na 30km moest ik mijn hoge tempo wat laten zakken, mijn benen werden zwaar en ik kreeg het lastig. Gelukkig was daar een wolkbreuk, wat de innerlijke Flandrien weer aanwakkerde en ik mezelf kon herpakken. Ik kwam uiteindelijk uit op een 11de plaats net als in Lanzarote. Maar dit keer met een iets beter gevoel. Al moet ik eerlijk bekennen dat ik met deze prestatie wel dacht top-10 waardig te zijn. Achteraf werd nog maar eens pijnlijk duidelijk hoe zwaar de combinatie sport-blog is. Want ik moest  de dag nadien vol aan de bak om wat cultuur en andere bezienswaardigheden te gaan doen, een kwestie van mijn Vlaanderen Vakantieland factor op punt te houden. Ik met de coach dus naar het duikboot museum. Lekker ontspannen wat boten kijken zou je denken. Maar ik had me lichtjes miskeken op die steile trapjes en vele compartimenten die niet echt gemaakt zijn voor een houterig post-ironman lijf. Redelijk wat gezucht en gekreun dus en slechts 3 keer mijn hoofd gestoten aan allerhande periscopen maar zeker de moeite hoor. Dan mijn favoriete rubriek: culinair! Wat post-ironman absoluut geen probleem is. Wel mensen in Estland serveren ze beer. Ik kon dat uiteraard niet eten daar dat zou neigen naar kannibalisme waar je enkel mee wegkomt als je Eddy noemt en neen Sven jij mag niet proeven! Bon Tallinn 12 points voor de World Tour, echte aanrader!
Volgende stop Wk in Zofingen
​Goodbye!

M’n 10de volledige triatlon – Verslag van Ironman Maastricht

Pieter Vanhee 4 months 1 week ago

Voorbereiding
Ondanks een – naar mijn normen – ongebruikelijk kalme winterperiode, weet ik m’n voorbereiding vanaf mei naar een behoorlijk niveau te tillen. Gedreven door de wil om in het fietsen sterker voor de dag te komen, plan ik bewust eenzame lange duurritten in. Ik kan ze goed verwerken en de wetenschap dat het in het verleden wel eens een gebrek aan aantal trainingskilometers was dat me nekte, motiveert me om door te zetten. Alleen het onbehaaglijke gevoel om daarbij ook vele uren van huis te zijn, sleet niet. Ook de zwemtrainingen (die ik ’s morgens afwerkte), vragen extra inspanningen voor de rest van het gezin. Ze blijken wel kwaliteitsvol en ik kan er zoals altijd rekenen op de steun van zwempartner Hein. Voor eerst sinds lang vond ik de energie om lange looptrainingen ’s avonds laat nog aan te vatten. Het scheelt dat het tijdens deze hete zomer lang warm en klaar bleef natuurlijk. De hulp, het begrip en de kansen van familie zijn daarbij onontbeerlijk geweest en genieten mijn eeuwige dankbaarheid. 
Hoewel ik doorheen de jaren relatief gespaard mocht blijven van blessures, staken een aantal zaken de kop op. Een miniem onevenwicht ligt waarschijnlijk aan de basis van last in de onderrug/heup bij het fietsen (als ik een zware belasting uitoefen). Omdat dat in de triatlon van Bilzen pijnlijk extra duidelijk werd, liet ik daar extra onderzoeken op uitvoeren. Een Shockwave therapie werd geadviseerd en verlichtte de klachten. Ik ondersteunde dit door behandelingen bij collega-triatleet en osteopaat Frank Segaert. Daarnaast kreeg ik enkele dagen af te rekenen met een ‘dropvoet’, wat lopen tijdelijk onmogelijk maakte. Maar dat herstelde zich gelukkig vanzelf. Even plots als het was gekomen en op een termijn van een vijftal dagen. Naar de oorzaak ervan blijft het (ook voor de specialist) gissen.

 

Voorbeschouwing
De Ironman van Maastricht wilde ik vooral vanuit mijn eigen sterkte afronden, zijnde de constante in de drie disciplines. Op het gevoel, zonder steevast naar de klok te kijken. Ik wilde wel graag een beeld op tijden per discipline, ook tijdens de wedstrijd. Tijdens de marathon nam ik me voor om m’n tempo op te volgen via m’n polshorloge (ik zou het uiteindelijk toch niet doen). Omdat het gevoel qua fietsconditie goed zat, beoogde ik een eigen, hoog tempo, zonder daarbij rekening te houden met anderen (en zo meteen ook het risico op een tijdstraf tot een minimum te beperken, het principe van de ‘rolling start’ – waarbij atleten in kleine groepjes met een klein tijdsverschil volgens hun geschatte zwemtijd te water gaan, zie ik daarbij als een voordeel). Met 3x een kwalificatie voor de Ironman in Hawaii en een vierde keer onverwacht heel dichtbij, kreeg ik – enigszins begrijpelijk – wel eens de vraag of dat ook nu deze keer binnen de verwachtingen lag? Een doelstelling was het in elk geval niet (rond het tijdstip waarop het WK Ironman plaatsvindt, verwachten wij ons tweede kindje). Maar als ik in de wedstrijd het gevoel van op training kon bevestigen, als alles meezit én de concurrentie binnen de age group minder zou zijn, was kwalificatie niet onbereikbaar. Een ‘slot’ zou ik om eerder genoemde reden evenwel niet verzilveren.

 

De wedstrijd
Ik kon duidelijk zien hoe er werd gespeculeerd binnen de respectievelijke age groups en hoe op het ponton van waarop we te water zouden gaan de eerste groepjes al werden gevormd. Ik had er geen zin in. Gewoon vooraan starten en zo hard mogelijk gaan. Speedsuit? Niet nodig en heb ik ook niet. Trouwens, clubsponsors bedek je dan alleen maar? Ploegmaat Stefaan De Clercq met wie ik nog succeswensen uitwisselde, had hetzelfde plan, merkte ik.Ik moet rond de 10de age group atleet de Maas zijn ingedoken en kon al vrij snel een drietal atleten ontwaren wiens tempo wel eens overeen kon komen met het mijne. Bij het ronden van de verste boei breekt het gevormde viertal echter mooi in twee gedeeld en tijdens de laatste kilometer merk ik dat het tempo er wat uitgeraakt. De stroming is in tegenstelling tot eerdere edities blijkbaar minder sterk in het voordeel bij het terugzwemmen (but hey, edities kan je nooit met elkaar vergelijken…). Een paar keer kom ik langszij mijn compagnon maar dat is voor hem telkens een signaal om weer een kleine tussenversnelling te plaatsen. Onnodig om verder aan te dringen, leek me. Op het moment dat ik m’n badmuts afgooi, hoor ik meedelen “dat we nu een lang lint van agegroupatleten krijgen. Ik kijk even om maar kan dat zelf niet vaststellen. Ik kon ook maar beter gewoon verder doen… Op het moment dat ik m’n zwemtijd en die van de eerste zwemmer (op dat moment – rolling start, remember…) doorkrijg, besef ik dat het niet hét beste zwemnummer is maar ontgoochelend hoeft het niet te zijn. Ik kan probleemloos wisselen, verlies nog wel een backup drinkbus bij het opspringen van de fiets maar geraak al snel in het goede fietsritme. Bij de eerste helling haal ik al 2 atleten bij. En zo ging het eigenlijk nog een uurtje verder. Nooit eerder had ik de durf om deze aanpak toe te passen. Waarschijnlijk uit schrik dat ik in overdrive zou gaan. Ik fietste ook deze keer trouwens puur op het gevoel. Het gevoel dat ik mezelf eigen maakte door de vele (bewust) eenzame lange duurritten. Deze aanpak zou me ook het risico besparen van een bestraffing voor stayeren, meende ik. De Hallembaye rijd ik tegen m’n eigen voorspellingen behoorlijk comfortabel naar boven. Net voor de top roepen m’n broer en pa me vooruit en bevestigen ze m’n solide tempo. Omdat ik betwijfelde of de tijdsregistratie via m’n timing chip vlekkeloos verliep, checkte ik dat bij m’n broer. Hij stelde me meteen gerust, benadrukt nogmaals dat ik sterk aan het fietsen ben (en ik geloof hem, want ik weet verdomd goed dat hij een echte kenner is). De daaropvolgende kilometers over Belgisch grondgebied lopen over brede wegen met weinig toeschouwers langs de kant. Ik hou het tempo strak maar na 60 km komt me voor het eerst een groep voorbij. Onder aanvoering van de lokale favoriet die ik al sinds mijn eerste volledige triatlon ken (en die ik eigenlijk ook moet aankunnen – in 2012 in Hawaii finishte ik op amper 20” van hem na gelijklopende tijden in elke discipline). Een mooi treintje want ik moet behoorlijk in de remmen gaan elke keer iemand me passeert. De regel is namelijk dat je jezelf laat uitzakken als het voorwiel van diegene naast jou het jouwe voorbijkomt. Dat inhouden geeft m’n benen even een rustpauze, waardoor ik even uit het gebruikelijke ritme ben en tegelijk de mindset krijg om me aan dit tempo aan te passen. Veel hoger dan het mijne zou het wel niet liggen, wist ik, want het had hen toch ook 60 km gekost om tot bij mij te komen (ik weet dat ze niet veel trager zwemmen) en als zo’n groep iemand bijhaalt, dan is dat ook veelal met een korte tussenversnelling. Ik kreeg gelijk. Met een accordeonbeweging ging het de volgende 5 km verder. Hoogst risicovol voor een bestraffing uiteraard. Aan de bevoorrading even verderop is dat fenomeen nog meer uitgesproken. Ik ga goed in de remmen en lanceer me daarna opnieuw. Als ik me weer in de beugels leg, krijg ik van een technical official een blauwe kaart te zien. Nee, daarvoor heb ik geen talloze soloritten van 150+ km gereden. Ik kwam buiten de bevoorradingszone ook nooit op minder dan 12 meter van de voorligger en had al zeker niet die intentie. Ik wilde m’n tempo blijven rijden, zoals ik al 60 km bezig was. Het is in die situaties ondanks de technologische mogelijkheden in deze moderne tijd ten spijt nog altijd woord tegen woord. En ik kon me afvragen of ik dit moest zien als louter toeval, willekeur, maar in een slachtofferrol wilde ik me niet wentelen. Ik baal, kan het niet laten om m’n ongenoegen te uiten, laat de groep nu echt rijden en maal de 30 volgende kilometers met een wrang gevoel af (immers: me aan een gelijkaardig Spartaans trainingsregime qua fietsen onderwerpen zoals de voorbije maanden, ik betwijfelde of ik dat nog zou kunnen (en willen)). Als ik daarna m’n 5’ tijdstraf uitzit, kan ik het opnieuw niet nalaten om – weliswaar weer op een beleefde manier – m’n ongenoegen te laten blijken. Het enige voordeel van te moeten plaatsnemen in de penalty box op de markt van Maastricht is dat ik mijn naaste supporters toelichting kon geven; en zij me de nodige motivatie om verder te gaan. Daarna rijd ik weer in m’n veilige eentje verder. Onvermijdelijk kom ik daarna weer een groep tegen. De tussenafstanden waren zeer zeker geen 12 m en ik blijf op een veilige afstand hangen. Tot ik me realiseer dat zelfs dat waarschijnlijk niet veilig genoeg is voor een official op de moto die van achteruit komt. Het zou anderzijds wel wat energie kosten om 6 man in 1 beweging in te halen (zelfs al plakken ze in elkaars wiel). De oplossing komt helaas slechts gedeeltelijk bij een schifting door een van de hellingen. Ik realiseer me dat de aanwezigheid van referrees verre van alomtegenwoordig is en het duurt naar mijn aanvoelen veel te lang vooraleer het moedwillige stayergedrag in de voorliggende groep uiteindelijk de aandacht van dergelijk gemachtigd persoon trekt. Verderop deelt deze wat kaarten uit. Of ze allemaal terecht waren, kan ik tegenspreken. Ik had een duidelijk overzicht. Op de groep én op de motard met de official. Voor het uitdelen van de kaart aan één van de atleten kan de official zich alleen maar beroepen op het beeld in een slingerafdaling. Door het gekende accordeoneffect daarbij uitgesloten van stayerbestraffingen; net als bij een bevoorrading trouwens. Voor mij werd eens te meer duidelijk dat dit systeem niet meer van deze tijd is en duidelijk een willekeur én ja, zelfs competitievervalsing. Ik zie anders geen verklaring waarom diegene die op kop van de groep rijdt een tijdstraf krijgt en de grootste wieltjeszuiger vrijuit gaat. Of zou de nationaliteit een rol kunnen spelen? Gewaagd of vergezocht om dat te stellen? Ik heb het er echt mee gehad. De rolling start biedt in mijn ogen slechts gedeeltelijk een oplossing. Moeten we echt naar een volledig gescheiden start, zoals bij tijdritten? Hoe haalbaar is dat nog? En hoe lang wordt nu eigenlijk al gezocht naar oplossingen? Het stoort me eigenlijk zelf al dat dit gegeven zo’n prominente rol in m’n wedstrijd(verslag) opeist. Intussen bevonden we ons in de aanloop naar de Hallembaye. Daar had Vincent met Thijs gewisseld en gaf hij me ditmaal met m’n pa zicht op het bredere wedstrijdverloop. Op eigen tempo merk ik voor de tweede keer hoe ik deze korte maar relatief steile helling beter leek te doorstaan dan m’n concurrenten. Eenmaal boven zet ik nog wat door en verdwijnen een aantal van die concurrenten definitief in de achtergrond. Even heb ik nog een dispuut met een Luxemburgse vriend die me – overigens niet zo vriendelijk – duiding vroeg bij het feit waarom ik hem dan wel had bijgehaald maar niet dichter bij de voorligger reed…
Zucht.
Ik verspilde nog wat energie door hem een tekeningetje te maken maar besloot toen ik hem weer veel te kort zag invoegen om hem z’n zin in risico niet te proberen te ontnemen. Living on the edge, heet zoiets. Ik kon zien hoe hij even later met twee andere atleten uit de oorspronkelijke zeskoppige groep in de penalty box plaatsnam en kon weer met minder risico verder. Op het glooiende parcours bleef ik uit de greep van achterliggers en ik verheug me al op een risicoloos einde van de tweede en laatste fietsronde. Eenmaal aan de Maas komt in het stuk met de wind in de rug – helaas alweer – een groep (een vijftal) me voorbij. Ik zie een vrouwelijke proftriatlete die op dat moment net wordt bijgehaald nog ongegeneerd het wiel nemen van de laatste in die groep. Een goeie gok, want ze zal in de resterende 35 km buiten schot blijven van elke official. On-be-grij-pe-lijk. Ik kan alleen maar hopen dat de buitenwereld van de aanleiding van mijn tijdstraf een andere perceptie heeft dan het intentioneel wedstrijdvervalsend gedrag dat daar andermaal tentoon werd gespreid… Na een U-turn merk ik dat ik tegen de wind in weer tijd goed maak op die groep. Ik besluit die in één keer bij te halen, goed wetende dat ik op dat moment louter als goedkope tempomaker dien. En dat gaat vlot, tot op 6 km van de wisselzone. Bij het aansnijden van een bocht op het jaagpad, hoor ik een doffe knal. Voor ik het goed en wel besef, schuift m’n voorwiel weg en ga ik met m’n rechterkant tegen de vlakte. Ik kan nog enigszins de val breken door beide handpalmen naar het wegdek te richten. De achterliggers moesten om de een of andere reden (!) hard in de remmen maar waren wel zo vriendelijk om me naar m’n status te polsen. Na een snelle blik op de schaafwonden op rechterschouder, -bil en -scheenbeen, kon ik hen geruststellen. Snel de fiets op bleek iets te optimistisch want na eerst wat problemen om de ketting er weer op te krijgen, bleek m’n voorband lek. Door de wrijving bij het wegschuiven, dacht ik. Ik doe m’n best om snel de binnenband te vervangen maar kan uiteraard niet verhinderen dat nog volk me voorbij komt. Ik kon gelukkig weer verder; dat was voor mij het belangrijkste. “Via Smeermaas gaat het nu verder richting Maastricht. Vlakbij!”, wist ik. Ook dat bleek weer te optimistisch,, want amper een 200-tal m verder rijd ik het betonnen opwipje van een brugje op en hoor een knal die me meteen aan een gebroken spaak doet denken. Ik voel dat m’n voorband meteen tegen de voorvork sleept. “Heb ik even geluk dat m’n voorwiel nog draait”, ga ik verder. Pas op de kasseien net voor de markt in Maastricht wordt me duidelijk dat het geen gebroken spaak maar een tweede lekke band, opnieuw vooraan is. Ik reed de laatste 5 km dus niet met een wiel dat niet recht meer liep, maar met een compleet lekke band. Had ik dat geweten, dan verving ik wellicht een tweede keer die band, want doorrijden zonder lucht in een fietsband is nu eenmaal niet optimaal voor dat soort materiaal, zeker niet op kasseien… Laat staan bochten nemen op kasseien… En uiteraard haal je daarmee met een gelijkaardige inspanning ook niet dezelfde snelheid. Pas toen ik na afloop van de wedstrijd mijn fiets ging ophalen, werd duidelijk dat er een spijker in m’n voorband stak. En pas dan werd me ook duidelijk dat ik daardoor een eerste keer moet zijn lek gereden en door de impact ook onderuit zijn gegaan. Soit, ik had het gehaald, ik kon m’n wedstrijd verderzetten. Pas bij het aantrekken van m’n loopschoenen werd ik vergezeld van atleten die in de penalty box de 5’ tijdstraf hadden uitgezeten Ik had dus net voor de val nog goed doorgereden, als je weet dat ik daarna toch meer dan 5’ zal hebben verloren. Mijn meegereisde supporters (familie en vrienden) hadden postgevat na 2 km lopen en konden dan voor het eerst vaststellen dat ik was gevallen. Lore, Niel, m’n pa, ma, broer, schoonouders, Vincent, Sharon, Dries en Ilse riepen me in de intussen behoorlijk opgewarmde Maastrichtse straten vooruit. Thijs en Vincent speelden mijn fietstijd door. Gezien de omstandigheden aanvaardbaar, besloot ik en ik zocht naar een tempo dat ik dacht te kunnen vasthouden. Tussen de supporters ontwaar ik collega-triatleten tegen wie ik 10-15 en zelfs 20 jaar geleden al in wedstrijden uitkwam. Ook ex-ploegmaats trouwens. Velen onder hen schopten het intussen tot succesvol triatloncoach. En hoewel ze vooral in die rol naar Maastricht afzakten, namen ze toch de tijd om me aan te moedigen. Thanks, guys! Intussen merken ook meer en meer doorsnee supporters op dat ik tekenen van een val vertoon, wat me veelal extra steun oplevert (en een zeldzame blik van “Is dit nog niet zwaar genoeg, dat je nog zou verder doen als je bent gevallen?”…). Met het aangereikte water probeer ik de schaafwonden al lopend wat schoon te maken (en het zeurende gevoel op die plaatsen wat te onderdrukken) en via de drinkbekers probeer ik zo veel mogelijk verloren vocht weer aan te vullen. Ondanks al die aanmoedigingen en het advies om te blijven lopen, moet ik op 5 km van het einde toegeven dat m’n lichaam het even heeft gehad. Ik moet het even de tijd geven om de ingenomen voedingsstoffen ook effectief op te nemen. Ploegmaat Stefaan De Clercq staat op dat moment op het punt zijn derde loopronde af te werken en spoort me nog aan om even mee te lopen. Ik geef hem ook letterlijk mee dat ik het even heb gehad. Pas 2 km verder vind ik weer de kracht om te gaan lopen. Ik kom nog terug tot bij Stefaan en kan dat tempo tot aan de finish aanhouden. Opgelucht loop ik onder de finishboog in 9u42’42”. Goed voor 10x opeenvolgend een eindtijd onder de 10 uur op elk van m’n volledige triatlons. De afsluiter van een mooie reeks en illustratief voor het feit dat dat niet vanzelf gaat. Ik ben iedereen die me daarbij heeft gesteund ontzettend dankbaar. Lore en Niel die het meest de gevolgen van de voorbereiding merken, de meegereisde supporters, club en iedereen die me op de een of andere manier de voorbije jaren waarin ik deze sport uitoefen heeft gesteund. Dit is zeker geen afscheid, hoogstwaarschijnlijk wel een andere aanpak. In de nabije toekomst verleg ik in elk geval de scope naar het familiegebeuren. Er staat immers nog heel wat moois te gebeuren, met de geboorte van ons tweede kindje binnen een tweetal maanden als volgende échte hoogtepunt!

 

Nabeschouwing
Ik blik tevreden terug op deze deelname, de voorbereiding, het resultaat en hoe ik met de omstandigheden ben omgegaan. Het valt op dat de collega-atleten in de age group 30-34 (waartoe ik behoor) vrij sterk voor de dag kwamen (zie ook de uitgebreide analyse van een specialist terzake). Het grote aantal met de Duitse nationaliteit doet vermoeden dat er onder hen zijn die de Ironman van Hamburg inruilden voor die van Maastricht (in Hamburg werd het zwemonderdeel vervangen door een loopnummer door de aanwezigheid van blauwalg in het meer). De vraag of ik in
‘normale omstandigheden’ tijdens het fietsen aanspraak had kunnen maken op een slot blijft natuurlijk voor eeuwig onbeantwoord en het doet er ook niet toe. Doorheen de jaren lijkt deze sport me in elk geval meer en meer gespecialiseerd, in al zijn facetten, ook op het age group (= ‘amateur’)niveau en de race naar het afdwingen van een Hawaii-kwalificatie. Naast de gebruikelijke spierpijn zal ik deze keer ook wat naweeën ondervinden van de val. Voorlopig zijn zwembewegingen met mijn rechterarm nog uitgesloten maar ik verwacht daar tegen volgende week verbetering in. Dan brei ik hopelijk een vervolg aan m’n triatlonbeoefening.

 

Beeldmateriaal

No-wetsuit swim – Foto: Finisherpix

Met een lekke voorband de kasseien op – Foto: Finisherpix

M’n 10e finish in een volledige triatlon – Foto: Finisherpix

Op de Hallembaye – Foto: Vincent Van Lierde

 

Let’s finish this!” – Foto: Vincent Van Lierde

BK Halve triatlon 2018 Eupen

Xenia Luxem 4 months 1 week ago

Wat een dag ! een zonovergoten Eupen en een prachtige locatie voor een BK en als je dan nog op de hoogste plaats van het podium mag staan kan het niet meer stuk.

https://www.youtube.com/watch?v=xR5JvCVijes

JABBEKE 111

Norbert Hallemeersch 4 months 2 weeks ago
Gisteren de lokale 111 van Jabbeke gedaan en … mezelf tegengekomen vraag ik mezelf af …. alhoewel ik de lat wellicht weer TE hoog heb gelegd ! Eerst

Lees verder...

Reageer...

3h VTT de Vodecée: tussn donkern en klaarn

Jan Goddaer 4 months 2 weeks ago
Vrijdagavond om 19:00 ging ik van start in de 3h VTT de Vodecée. Vodecée ligt nabij Philippeville en op een boogscheut van Gimnée-Doische. Daar nam ik een paar weken geleden, tijdens de B-finale van het WK voetbal, ook deel aan een 3 uur endurance race. Het was toen snikheet.
Nu ook zou het kwik tot boven de 30 graden klimmen.
Het parcours was nu minder selectief. Maar de vele stenen die op het parcours rondgezaaid lagen, zorgden toch voor de nodige uitdaging.
Net als in Gimnée-Doische was ook hier de sfeer heel amicaal. Echt een aanrader!!


De wedstrijd zelf:


Met 107 deelnemers staan we aan de start, waarvan 36 solo’s. De rest zijn duo’s en trio’s. Traditiegetrouw start ik achteraan het pak om me zeker niet te vergalopperen. Het startschot wordt met een jachtgeweer, meerbepaald een tweeloop, gegeven. Gelukkig met losse flodders. Als gekken schieten de duo’s en trio’s uit de startblokken. Nog geen 100m verder is er al een valpartij. Ik laat begaan. In het pak, in de achterste gelederen, rij ik op ‘t gemakske de eerste ronde. Bij elke versmalling, singletrack of hindernis is het aanschuiven. Pas vanaf de tweede ronde kon ik wat versnellen. Toch rij ik na 2 ronden al op een 36ste positie overall. Het is gissen naar mijn plaats bij de solo’s. Ronde na ronde schuif ik op. Tot ik samen met een duo en een trio de rondjes afmaal.
Na 1u30 wedstrijd voel ik de eerste vermoeidheid opkomen. Toch kan ik vlot blijven rond peddelen. Ik haal vlot de 2 uur. Wonder boven wonder ken ik quasi geen verval. Het laatste half uur begint het te donkeren. Tijd om te wisselen van helm. Nu heb ik er eentje met een koplamp. Het rijden in het donker is toch iets speciaals. Zeker de technische afdalingen waren een uitdaging. Ondertussen overschrijd ik de 3 uur maar toch moeten we nog een ronde. Een ronde telde net geen 5 km. Uiteindelijk finish ik na 3u20 of net geen 69 km’s. Dit zonder noemenswaardig verval. Me happy! De bikefit doet echt wel zijn werk!


In tegenstelling tot Gimnée-Doische vormt de tijds- en ronderegistratie geen enkel probleem.
Zo zie ik dat ik als 21ste overall eindig en een 5de plaats op 36 bij solo’s behaal.


Ik ben dan ook heel tevreden met dit resultaat en nu op naar La Gileppe.


3h VTT de Vodecée: tussn donkern en klaarn

Jan Goddaer 4 months 2 weeks ago
Vrijdagavond om 19:00 ging ik van start in de 3h VTT de Vodecée. Vodecée ligt nabij Philippeville en op een boogscheut van Gimnée-Doische. Daar nam ik een paar weken geleden, tijdens de B-finale van het WK voetbal, ook deel aan een 3 uur endurance race. Het was toen snikheet.
Nu ook zou het kwik tot boven de 30 graden klimmen.
Het parcours was nu minder selectief. Maar de vele stenen die op het parcours rondgezaaid lagen, zorgden toch voor de nodige uitdaging.
Net als in Gimnée-Doische was ook hier de sfeer heel amicaal. Echt een aanrader!!


De wedstrijd zelf:


Met 107 deelnemers staan we aan de start, waarvan 36 solo’s. De rest zijn duo’s en trio’s. Traditiegetrouw start ik achteraan het pak om me zeker niet te vergalopperen. Het startschot wordt met een jachtgeweer, meerbepaald een tweeloop, gegeven. Gelukkig met losse flodders. Als gekken schieten de duo’s en trio’s uit de startblokken. Nog geen 100m verder is er al een valpartij. Ik laat begaan. In het pak, in de achterste gelederen, rij ik op ‘t gemakske de eerste ronde. Bij elke versmalling, singletrack of hindernis is het aanschuiven. Pas vanaf de tweede ronde kon ik wat versnellen. Toch rij ik na 2 ronden al op een 36ste positie overall. Het is gissen naar mijn plaats bij de solo’s. Ronde na ronde schuif ik op. Tot ik samen met een duo en een trio de rondjes afmaal.
Na 1u30 wedstrijd voel ik de eerste vermoeidheid opkomen. Toch kan ik vlot blijven rond peddelen. Ik haal vlot de 2 uur. Wonder boven wonder ken ik quasi geen verval. Het laatste half uur begint het te donkeren. Tijd om te wisselen van helm. Nu heb ik er eentje met een koplamp. Het rijden in het donker is toch iets speciaals. Zeker de technische afdalingen waren een uitdaging. Ondertussen overschrijd ik de 3 uur maar toch moeten we nog een ronde. Een ronde telde net geen 5 km. Uiteindelijk finish ik na 3u20 of net geen 69 km’s. Dit zonder noemenswaardig verval. Me happy! De bikefit doet echt wel zijn werk!


In tegenstelling tot Gimnée-Doische vormt de tijds- en ronderegistratie geen enkel probleem.
Zo zie ik dat ik als 21ste overall eindig en een 5de plaats op 36 bij solo’s behaal.


Ik ben dan ook heel tevreden met dit resultaat en nu op naar La Gileppe.


Maastriatlon Kinrooi

Lars Baeyens 4 months 2 weeks ago
Na mijn uitstekende prestatie op de halve triatlon van Couvin voelde ik dat ik naar mijn allerbeste vorm aan het toegroeien was. Net op tijd want mijn favoriete Vlaamse wedstrijd van het seizoen kwam er snel aan: de Hageland powertriatlon van Aaarschot op 15/07. Op deze race wou ik een eerste keer echt pieken. Helaas werd ik in de week voor Aarschot ziek, écht ziek. Ik ga niet in detail treden maar de substanties die mijn lichaam verlieten waren vrij smerig te noemen. Een volledige week trainde ik niet en at ik ook heel weinig. Mijn conditie smolt als sneeuw voor de zon en met pijn in het hart moest ik forfait geven voor Aarschot.

Dit betekende dat ik mijn seizoensplanning een beetje opnieuw moest indelen. De dag van Aarschot was ik reeds terug aan het trainen maar de ziekteweek had meer invloed gehad dan ik dacht. Toch had ik me voorbereid op een wederoptreden in Kapelle op Den Bos (21/07/18). Ik had beter moeten weten. De wedstrijdscherpte was er nog niet en nadat ik op het fietsen door zowat iedereen werd voorbijgereden stapte ik zwaar ontgoocheld uit de race.

Een week later de start halen in de kwarttriatlon van Kinrooi moest wel lukken. Met opnieuw een extra weekje training in de benen begin ik me nu ongeveer terug de oude te voelen. De conditie die ik te pakken had tijdens en na Couvin is echter nog een trapje hoger. Uiteraard was mijn vertrouwen niet super na mijn opgave vorige week. Aangekomen te Kinrooi bleken de omstandigheden ook niet echt in mijn voordeel: veel draaien en keren tijdens het fietsen, veel wind en offroad lopen op een parcours waar ik vanwege de ondergrond (keien, zand, finse piste) mijn snelheid niet kwijt kon.

Gelukkig stond er een hele delegatie van mijn Solidpharma teamgenoten aan de start wat altijd voor motivatie zorgt! Sören Sanders, Wouter Simons, Jelle Clijsters, Katrien Maes en ikzelf gingen de eer van ons team hooghouden op de kwarttriatlon ! (eerder op de dag was Solidpharma collega Pieter Luykx ook al 4de geworden op de sprinttriatlon te Kinrooi)

Tijdens het zwemmen was het vechten tegen de golfslag en veel wier in het water. Als 7de kwam ik aan wal met ploegmaat Sören bij me. Jelle zat een beetje voor ons en Wouter kwam 2min na ons uit het water. Tijdens het fietsen viel ik alleen met Sören, onze teamcaptain is echter een goede fietser en ik was blij dat ik hem in deze non drafting race (op de reglementaire 10meter) als mikpunt had. Ik voelde me best goed en reed eigenlijk sterk op een parcours dat het mijne niet is. Nog steeds als nummer 6&7 kwamen we de wissel binnen om aan de 10km lopen te beginnen.

Tijdens het lopen voelde ik nog steeds de naweeën van mijn ziekteperiode maar het gevoel was al massa's beter dan de week ervoor in Kapelle. Ik liet Sören ter plaatste en ging op zoek naar nummer 5 Maarten Christis die even verderop liep. Het duurde even voor ik hem kon inhalen en toen dat gebeurde zag ik ineens Jelle naast de kant staan. Jelle was na het fietsen in strijd voor het podium maar kreeg last van de ademhaling in de warmte van de loopproef. Helaas moest hij de strijd staken. Zo bevond ik me opeens op plaats 4!

Ik hoopte deze plaats vast te houden. De eerste drie heren waren sowieso te ver vooruit (Prof Martijn Dekker won de race, voor Kasper Lagae en Jeroen Vandael). In de laatste loopronde kwam er echter nog iemand als een renpaard uit de achtergrond opzetten: mijn ploegmaat Wouter Simons die ongelooflijk sterk loopt. Wouter zette veruit de snelste looptijd van de dag neer en nam me nog te grazen voor plek 4.

Zo werd ik dus finaal 5de , een prachtig resultaat nadat ik afgelopen weken toch wel problemen had om terug op niveau te geraken. Martijn Dekker was als PRO atleet uiteraard niet te verslaan maar achteraf bekeken is het podium niet zo gek ver weg.. Al ben ik oprecht blij deze keer met wat ik heb. Op een parcours dat me misschien wel het minste ligt van allemaal zette ik een van mijn beste races van 2018 neer. Een mooie prestatie om op verder te bouwen met als doel die topconditie dit seizoen toch nog te pakken te krijgen!  

Pages